Ludiek · 14 juli 2026
De fietsende komma
Een lange groep fietsers leert onderweg de schoonheid van een kleine pauze.

Gedicht
De fietsers kwamen
als een lange zin.
Bel, bel, bel,
fluohesje, fluohesje, fluohesje,
en nergens een punt.
Bij de bocht
maakte de groep een komma.
Even benen strekken.
Even naar het veld kijken.
Even iemand laten oversteken.
Daarna reed de zin verder,
niets minder vrolijk,
maar een stuk beter leesbaar.